ae5913f900de2d8a0ad5598450e6b1c9

Ambities en doelen van de Meerwegen OpleidingsSchool / MOS 

  1. Ambitie 

Binnen de MOS bestaat een gedeelde visie dat het opleiden in de school en het verrichten van praktijkonderzoek bijdraagt aan de ontwikkeling van leraren, het onderwijs en de school als organisatie. Leraren moeten niet alleen openstaan voor verbeteringen van de eigen professionele praktijk en van de organisatie waarin zijn hun taken uitvoeren, maar ook daarin het initiatief kunnen en willen nemen. De bereidheid tot reflectie op het eigen professioneel handelen en de omgeving waarin dat plaatsvindt, is daarbij essentieel. Reflectie op het eigen handelen maakt immers persoonlijke en professionele groei mogelijk. Het in teamverband leren van professionals is een belangrijke stimulans voor leren van de organisatie.

De MOS heeft een meerwaarde voor de ontwikkeling van het leren en opleiden in de school, in de betrokken opleidingsinstituten en voor het samen werken aan schoolontwikkeling.

Hiermee ontstaat een win-win situatie voor alle actoren:

  • Voor de leerling, omdat zijn onderwijs op basis van praktijkrelevant onderzoek op verantwoorde wijze wordt vormgegeven en de effectiviteit van het onderwijs hoger wordt;
  • Voor de student, die in de praktijk van de deelnemende scholen opgeleid wordt tot professionele beroepsbeoefenaar die in staat is zijn leerlingen voor te bereiden op het vervolgonderwijs en participatie in de samenleving. Dat betekent niet alleen dat studenten een eerste- en/of tweedegraads lesbevoegdheid behalen maar ook dat zij een onderzoekende en reflecterende attitude aanleren waarmee zij hun professie, het docentschap, kunnen uitoefenen. Met die attitude is de docent in staat zich gedurende zijn gehele professionele loopbaan te blijven ontwikkelen door te reflecteren op de lespraktijk, onderzoeksmatig te handelen in de klas en een bijdrage te leveren aan kenniscreatie door onderzoek in de MOS-leergemeenschap en daarbuiten.
  • Voor de docent, die door het begeleiden van studenten tevens reflecteert op zijn eigen lespraktijk en zijn voortdurende professionele ontwikkeling kan baseren op praktijkrelevant onderzoek. Een aantal docenten voert zelf een praktijkgericht onderzoek uit. Deze ervaring draagt bij aan een onderzoekende houding.
  • Voor de school binnen de MOS, die in samenwerking met de instituten het praktijkdeel van de opleiding vormgeeft. De school kan zich baseren op praktijkrelevant onderzoek en leert van elders ontwikkelde kennis om daarmee het onderwijs verder te ontwikkelen. De MOS draagt bij aan het creëren van een onderzoekscultuur binnen de school. De studenten die stagelopen vormen een kweekvijver van talenten waaruit de school kan putten met betrekking tot het vervullen van vacatures.
  • Voor de lerarenopleider, die zijn studenten effectiever kan opleiden en begeleiden bij de koppeling tussen theorie en praktijk. Een aantal lerarenopleiders begeleidt studenten en docenten bij het uitvoeren van praktijkgericht onderzoek;
  • Voor de opleidingsinstituten die de opleiding kunnen verrijken met de resultaten van praktijkrelevant onderzoek. Er is een directe verbinding met de praktijk.

Vanuit bovenstaande ambitie hebben de scholen en de instituten binnen de MOS samen geformuleerd welke doelen met het samen opleiden worden nagestreefd en op welke wijze deze worden vormgegeven binnen de MOS.

  1. Doelen 

Wat willen we bereiken met het samen opleiden? MOS heeft de volgende doelen geformuleerd: 

  1. Het gezamenlijk opleiden van toekomstige leraren. Partijen willen een goede leer- en werkomgeving voor leraren in opleiding realiseren door opleiding en beroepspraktijk intensiever en sterker met elkaar te verbinden en op elkaar af te stemmen.
  2. Professionalisering van alle betrokkenen bij het OIDS, zowel vanuit het instituut als de school.
  3. Professionalisering van overig personeel in de school.
  4. Het opzetten en uitvoeren van onderzoek door leraren en studenten teneinde opleiden, onderzoek en onderwijsontwikkeling met elkaar te verbinden.
  5. Kennisdeling tussen instituten en scholen en scholen onderling.
  6. Het vormgeven aan een lerende organisatie;
  7. Het creëren van een kweekvijver van nieuwe docenten;

  • Het gezamenlijk opleiden van studenten tot competente docenten

De MOS voelt het als haar verantwoordelijkheid om een bijdrage te leveren aan het opleiden van studenten tot zo goed mogelijke docenten. Zonder goede praktijkervaring geen goede docenten. Partijen willen een optimale leer- en werkomgeving voor leraren in opleiding realiseren door opleiding en beroepspraktijk intensiever en sterker met elkaar te verbinden en af te stemmen. De theoretische basis van de toekomstige docent wordt gelegd op de instituten. De praktische component van de opleiding vindt plaats in de vorm en een stageplaats op een van de zes VO-scholen binnen de MOS. In de MOS worden theorie en praktijk complementair aan elkaar aangeboden. De scholen bieden een veilige leeromgeving aan waarin studenten de opgedane theorie kunnen toepassen in de praktijk. Dit doen zij door het observeren van lessen, het verrichten van leerwerktaken, het begeleiden van leerlingen en het verrichten van onderzoek. 

  • Een impuls geven aan de professionalisering binnen de scholen;

Het gaat hier om professionalisering van alle betrokkenen bij het OIDS, zowel vanuit de instituten als de scholen. Daarnaast gaat het ook om het professionaliseren van het overig personeel. In hoofdstuk professionalisering wordt dit toegelicht.

Voor docenten is het een interessante mogelijkheid zich binnen hun beroep verder te ontwikkelen. Het biedt een perspectief door de mogelijkheid je te laten bijscholen tot werkplekbegeleider en het draagt bij aan de ontwikkeling van de docent door zich open te stellen voor de nieuwe inbreng van studenten.

  • Impuls geven aan schoolontwikkeling en praktijkonderzoek;

Op een aantal scholen is de  ‘academische werkplaats’ vormgegeven, waarbinnen invulling wordt gegeven aan de verbinding tussen het opleiden van studenten en het verrichten van praktijkgericht onderzoek en schoolontwikkeling. 

  • Het vormgeven aan een lerende organisatie;

De Meerwegen scholen willen een goede opleidingsschool zijn binnen een lerende organisatie. Het idee daarachter is dat een organisatie pas echt een goede leeromgeving voor studenten kan zijn, als de organisatie ook zelf continue lerende is/in ontwikkeling. Dit betekent voor de scholen dat er over de hele breedte van de organisatie gereflecteerd moet worden op leren. Immers: pas na ‘reflectie op ‘ kun je iets ’overbrengen over’.

  • Voorzien in toekomstige behoefte aan docenten

De scholen binnen de MOS hebben er belang bij om goede docenten te selecteren en te binden. Met name binnen de vakgebieden waarin tekorten worden verwacht. Daarbij kunnen de scholen binnen de MOS actief invloed uitoefenen op de kwaliteit van het onderwijs aan de beginnende docenten. Door het werken in de MOS maakt de student zich bepaalde kennis, vaardigheden en beroepsattitudes eigen, die horen tot bekwaamheidseisen van docent in het (beroeps-)onderwijs.

  • Kennisdeling tussen instituten en scholen en scholen onderling.
    In hoofdstuk kennisdeling wordt dit uitgebreid toegelicht.
© Meerwegen scholengroep \ Contact \